Vrijdag 19 oktober 2001 Besi Sahar naar Bhulbhule (van 760m naar 830m)

Vrijdag 19 oktober 2001 Besi Sahar naar Bhulbhule (van 760m naar 830m)

De trektocht is begonnen.

Niet veel geslapen, want vroeg in de morgen, de zon was nog niet op, werden we gewekt door vrouwengezang buiten op straat.

Een groepje vrouwen trekt zingend door de hoofdstraat van Besi Sahar. Ashanti, een keerzang tussen een voorzangeres en de rest van de groep.

Langzaam zwelt het geluid aan en sterft daarna weer langzaam weg. Als de koorzang, begeleid door het getjingeltjangel van belletjes en cymbaaltjes weer sterker wordt worden ook een aantal reisgenoten wakker, laten zich uit bed rollen en snellen gewapend met hun camera naar het raam om in het prille ochtendlicht wat opnamen van het spektakel te maken. Om acht uur, na een goed ontbijt, en nog wat inkopen te hebben gedaan, staan we klaar om aan het avontuur te beginnen. Onze plunjezakken liggen gereed om door de dragers naar onze bestemming voor vanavond getransporteerd te worden.

En wij hobbelen de eerste meters achter onze gidsen aan.

Ik heb gisteravond nog gauw in een winkeltje tegenover ons hotelletje met de veelbelovende naam Everest een hoedje met rondlopende rand en een brede rode zakdoek gekocht, die moet voorkomen dat bij grote inspanning het zweet in mijn ogen loopt.

Iedereen is opgewonden en blij, dat de tijd van zitten in bus en vliegtuig voorbij is, en dat we weg zijn uit de chaos ,, het mengsel van mooi en lelijk, rijk en arm, uitlaatgassen en kadaverlucht, wierookgeur, sadhoes en bedelaars, dat zich Kathmandu noemt.

Op naar de ongerepte natuur en het tempo en de rust van de middeleeuwen.



De tocht, die we gaan ondernemen zal zo'n 21 dagen in beslag nemen en ons rond het Anapurna massief voeren. Een eeuwenoud voetpad zal ons van ons vertrekpunt in Besi Shar op 870 meter hoogte in 10 dagen langs de Marshandi rivier naar het hoogste punt leiden. De Torung La, op de grens met Tibet, op ruim 5400 meter. Daarna dalen we weer in zo'n 10 dagen af, langs de Kali Gandaki, door een van de diepste dalen ter wereld.

De eerste etappe blijkt redelijk goed te doen. De gids heeft ervoor gekozen om niet de normale route, langs de rechteroever van de Marshandi te volgen, maar voor de wat omslachtigere maar vooral schilderachtigere linkeroever. (Links en rechts als je stroomafwaarts kijkt). We steken daarvoor de rivier over via een wiebelige hangbrug, zoals we er nog vele zouden tegenkomen.

We komen door allerlei dorpjes in het vruchtbare dal gelegen tussen talrijke rijstvelden. Onderweg worden we steevast door jong en oud begroet met een vrolijk, vriendelijk of plechtig “namastĂ©” Maar vooral veel kinderen van een jaar of zes, zeven, waarvan er hordes blijken te bestaan, die tot onze verrassing enkele woorden engels blijken te beheersen: “Hello, what's your name?”, “Where you are coming from?” “May I have your money? “

Stenen traptreden omhoog, stenen traptreden naar beneden. En dat vijfentwintig keer. Maar aan het eind van de middag Bhulbhule. Een paradijsje, dat mij herinnert aan hotel Riverview aan de Marowijne rivier in Albina Suriname.

Vanuit het hotelletje zie je de volgende hangbrug, waarover we morgen onze tocht zullen vervolgen. Over die brug een af en aan van voetgangers en muildieren. Beneden hoor je de rivier donderen als een waterval.

Uitgaven 19 oktober 2001:

2 flessen water 50 Rps

1 Cola 25 Rps

2x zeep 45 Rps

Lunch 50 Rps


Reacties

Populaire posts van deze blog

Pokhara 6 november 2001

Kathmandu 8 november 2001